Over kerstkitsch en tradities
avatar

kerstkitsch

Kerstkitsch: ik hou ervan

Ik verheug me ieder jaar op het optuigen van de kerstboom, een groot groen geval waarvan je redelijkerwijs toch zou denken ‘Waarom, in hemelsnaam, zet je een boom in je huis?’, maar daar denk ik verder niet bij na: een boom hoort erbij, net als uitvallende naalden, en lampjes die vreselijk in de knoop zitten, ongeacht hoe netjes je ze het jaar ervoor hebt opgerold en opgeborgen.

Herinneringsboom

kerstkitschIn het begin van mijn leven met een eigen boom moest hij er vooral strak uitzien: ballen die bij elkaar horen en kleuren die beperkt bleven tot rood, zilver en hier en daar wit. Verder: geen engelenhaar (want: vreselijk prikspul en nog lelijk ook) en geen gekleurde lampjes.

Een kerstboom met gekleurde lampjes vind ik out-of-the-question. Het hóórt niet.

Jammer genoeg (voor mij) kreeg ik lang geleden tot twee keer toe een kerstpakket met een snoer gekleurde lampjes erin en kerstkitsch weggooien vind ik ondoenlijk, dus de gekleurde lampjes hebben jarenlang dienst gedaan als een soort verdwaalde kerstversiering in de keuken.

Tot ze vorige jaar alle twee op ongeveer hetzelfde moment kapot gingen. Blij toe: eindelijk verlost van de gekleurde lampjes.

Eerste kerstboompjes

Mijn eerste kerstboompjes waren klein en zaten in een pot want ik vond dat ze nog een leven verdienden na bij mij in de kamer te hebben gestaan. Voor de levenskansen van de bomen was het alleen jammer dat ik ze tot ergens diep in februari liet staan, wat hun overlevingskansen, eenmaal weer in de volle grond, niet bevorderde.

Van de circa vijf potbomen die ik heb gehad, heeft er eentje de zomer erna overleefd, de rest werd even bruin als ze zouden zijn geworden als de stam was doorgehakt.

Versiering

kerstkitschVan de eerste boompjes heb ik nog steeds een paar ballen over, en mijn leuke rode topstrik, want een piek vind ik lelijk ding, dus die komt bij mij de boom niet in. Ik hou dan wel van kerstkitsch, maar wel met mijn eigen voor- en afkeuren.

Zo vind ik versiering voor buiten leuk, maar wel uitsluitend als het subtiel is. Een heel pandemonium aan rendieren, arrensleeën, kerstmannen en kerstslingers en dan ook nog met veel geknipper en van die lopende lampjes, vind ik protsering en té veel kitsch.

Hoewel ik wel kan lachen om de verhalen die mensen in hun voortuinen hebben staan. Tenminste, als ze voortuinen hebben, wat in onze buurt niet vaak het geval is, wij leven in een nogal voortuinloze buurt.

Nieuwe items

Ieder jaar komt er wat nieuws bij voor in de boom. Soms zijn het krijgertjes, zoals de rode ballen die we eens van de Hogeschool Utrecht kregen omdat het logo was veranderd. Het was een grote vakjesdoos vol met ballen, zo’n 60 stuks in totaal.

Sindsdien slinkt het aantal HU-ballen ieder jaar met een paar stuks, want ze zijn van glas en altijd valt er wel een of meer dan een. Ik denk dat we nu nog ongeveer de helft over hebben.

Dit jaar breek ik met alle tradities en gewoontes want er is helemaal niets bijgekomen. De reden is even duidelijk als simpel: alle niet-essentiële winkels zijn dicht.

Ter compensatie heb ik een heuse sjoelbak gekocht, online welteverstaan. Jammer genoeg heb ik niet goed uitgekeken en heb ik een onbewerkte gekocht, wat betekent dat ik nog aan de slag moet met lak om hem even bestand te maken tegen verval als al mijn kerstkitsch.

Kinderkeuzes

Toen de kinderen klein waren, mochten ze ieder jaar iets uitzoeken, en uit die tijd komen de beertjes, het gesneuvelde zwaantje, de paddenstoelen, de engeltjes en de halve walnoot met het kindeke Jezus erin.

Ze mochten alles kiezen, als het maar rood, zilver of wit was, want moeders hield er nog steeds van dat het allemaal bij elkaar moest passen.

Het was net zoals bij het kiezen van een sport, toen konden ze kiezen uit atletiek, atletiek en atletiek, en verrassend genoeg kozen ze toen voor atletiek!

Dus – verrassing! – de kinderkerstattributen pasten wonderwel in het reeds bestaande arsenaal aan kerstkitsch.

Ruzie met de lampjes

Is het allemaal vreugd’ wat de klok slaat rond de kerstkitsch? Neen, zeker niet. Ik tipte het al even aan: de jaarlijkse ruzie met de lampjes. Altijd en eeuwig zitten ze in de war. En ook altijd en eeuwig doen ze het niet de eerste keer dat ze na een jaar weer in aanraking komen met 220 volt. Dan moet je ze weer een-voor-een aanraken en een soort van vastduwen en ineens – floep! – schieten ze aan en kunnen ze weer een jaar mee.

Behalve vorig jaar, toen was er een oud snoer dat de geest gaf en moest ik op een holletje op zoek naar een nieuw snoer. Want bij alle tradities rond de kerstkitsch hoort ook dat ik niet van de snellen ben. Niet met optuigen en ook niet met aftuigen.

Meestentijds staat de boom een paar dagen geheel groen te wezen in de kamer, omdat ik het gevecht met de lampjes nog niet aan wil.

Dit jaar verliep het lampjesgevecht dramatisch: ik zakte erbij in elkaar.

Volgens de-man-over-wie-ik-niet-schrijf door de stress van het werk van de laatste tijd, volgens mijzelf vanwege het te lang kijken met mijn ene oogje in al die schitterende lampjes. Hoe dan ook, ik hoefde het ontwarren niet zelf te doen dit jaar, want zoonlief uit Grunn was er en nam de honneurs waar.

Na de lampjes

Als de lampjes er dan eindelijk in zitten, begint het vrolijke deel van het optuigen van de boom: alle ballen verzamelen en ophangen, samen met de beertjes, de engeltjes en de paddenstoelen.

Vaak weet ik nog uit welk jaar een bal stamt, of bij welke gelegenheid ik iets heb gerepareerd. Het hele leven komt voorbij via de kerstkitsch.

De rest

Na de boom komt de rest van de huiskamer aan de beurt met de beeldjes, de kaarsen en alle kerstartikelen gemaakt van strijkkralen, die door de jaren heen steeds meer aftakelen, maar wegdoen is er niet bij. Alles is nog leuk genoeg.

Met genoegen pak ik ieder jaar weer het bolletje uit met de lampjes met de Schotse ruit die ik ooit kreeg van mijn moeder, die het op haar beurt weer op een of andere Rode Kruis kerstmarkt had gekocht.

Kerstkitsch doet het ook goed in combinatie met goede doelen.

De ballen, sneeuwpopjes en sneeuwkristallen van strijkkralen heb ik zelf nog eens samen met de kinderen gemaakt op hun basisschool in een jaar dat er een lustrum werd georganiseerd en de school extra geld nodig had. Aangezien ik niet handig ben met naald en draad, noch met allerhande handenarbeid artikelen, bood ik aan samen met de kinderen kerstspullen te maken met strijkkralen, en kijk, dat kon ik dan weer heel goed, net als ministecken.

Natuurlijk moesten we daarna alles wat door onze eigen kinderen was gemaakt weer terugkopen, en dientengevolge hebben wij allerhande strijkkralenattributen in de kerstboom hangen, maar ze hangen wel strategisch gepositioneerd achter in de boom.

Kerststukje en afruimen

Ieder jaar maak ik zelf een kerststukje van alle overgebleven attributen uit eerder gekregen kerststukjes. Ik heb er geen talent voor, voor het kunstig optuigen van een kerststukje, dus het ziet er niet echt uit, maar het hoort bij de tradities.

Voorheen maakte ieder kind een eigen kerststukje en die werden pontificaal uitgestald en wat mij betreft doen we dat nog steeds, maar sinds een jaar of tien voelen ze zich daar te groot voor.

Het afruimen maak ik leuk door dat ieder jaar heel nauwkleurig te doen en alles zodanig terug te leggen in de kerst-verhuisdoos, die ik er al sinds 1988 voor gebruik, zodanig dat ik alles er het volgende jaar weer makkelijk en ongeschonden uit kan halen.

Afruimen moet sinds een jaar of 24 gebeuren vóór de verjaardag van onze jongste: die is jarig op 12 januari, dus zo lang als vroeger staat de boom niet meer.

Not-done’s

Er zijn een aantal not-done’s voor mij rond deze kitsch en alle tradities:

  • Géén boom zetten (volstrekt ondenkbaar)
  • Ieder jaar een geheel nieuwe boom optuigen met nieuwe spullen in nieuwe modekleuren (jammer dat er geen tradities kunnen groeien)
  • Een kunstboom zetten (dan nog eerder geheel geen boom)
  • Een boom met gekleurde lampjes zetten (al uitgelegd)
  • Knipperende kerstattributen (té kitsch)
  • Kerstgroeten via e-mail en WhatsApp (te makkelijk en nietszeggend).

Over het laatste: bij de traditie hoort ook het schrijven van kerstkaarten. Alles met de hand en met een zelfbedachte kaart. Ik heb een paar jaar gewerkt met persoonlijke e-mailkaarten, maar dat was het niet. Voor mij dan, wat een ander doet, moet hij/zij zelf weten.

Het fijne van echte kaarten is dat je er zo’n lekker kitscherige slinger van kunt maken.

Bij de traditie hoort ook dat ik áltijd, al vele jaren lang, de eerste kerstkaart krijg van een middelbare-schoolvriendin die ik ervan verdenk al na de grote vakantie haar kerstkaarten te schrijven, zo snel is ze erbij. Sinterklaas heeft zijn voeten amper gelicht en – ploink – daar ligt haar kaart op de mat. ‘Aja’, denk ik verheugd, ‘de kersttradities zijn aanstaande!’.

Kerstkitsch

‘Heb je nog een échte boodschap?’, hoor ik je vragen. Nou nee, eigenlijk niet, behalve dat het fijn is als je je eigen tradities opbouwt, met bijvoorbeeld je eigen kerstkitsch.

Het geeft mij een vreemd soort genoegen.

Nu wacht ik nog op echte kou opdat we eindelijk weer eens kunnen schaatsen op natuurijs, ook al zo’n traditie waarvan ik houd, maar die helaas minder maakbaar is dan die rond allerhande kerstkitsch.

 

kerstkitsch

22 december 2020

Geplaatst in verhaal Tags: ,, permalink

Over Rita

Het blog runningrita.nl is de plaats waar ik schrijf. Reacties zijn meer dan welkom. Categorieen: werk: HR - ontwikkeling - leiding nemen & geven, atletiek & running, (auti)mam, kwalen, verhalen, gedichten en alles zoveel mogelijk met een twist.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Maak de som af om je reactie te plaatsen * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.